06 83 97 13 77 help@doktersindeknel.nl
      Please or Registreren to create posts and topics.

      TED talk op de 'Dag van Herstel'

      Oké.. dit is bestwil eng; ik tel tot tien en dan begin ik.. écht. 1, 2, 3,……10.

      Hallo, ik ben Audrey en ik ben verslaafd. Ik wil jullie vanmiddag iets vertellen over ‘de kracht van zichtbaarheid’.

      Ik wil graag beginnen met een anekdote van het thuisfront.

      Een maand of wat geleden kwam mijn dochter van elf thuis met een vriendinnetje. Ze waren onderweg naar huis voorbij een bankje met dronken mannen gefietst. Het vriendinnetje vertelde hierover en refereerde aan de mannen op het bankje als ‘een stelletje verslaafden’, waarbij mijn dochter in mijn hand kneep en zei: ‘Niet zoals jij, hoor mam, een heel ander soort verslaafden.’

      Ik legde uit: ‘Ja, inderdaad, een heel ander soort verslaafden, want in gebruik, dus nog in actieve verslaving. En ik dacht daar gelijk achteraan: ‘Een meisje van elf weet hoe een verslaafde eruit ziet. En haar broertje, zusje en ouders ook. Maar weten zij hoe een herstellend verslaafde eruit ziet?

      Hier staat er in ieder geval één en voor de mensen die denken; ‘Zij komt mij bekend voor’, jullie hebben de LEF van augustus gelezen of doorgebladerd. Daarin staat een artikel over mij, of liever gezegd over mijn website ‘doktersindeknel.nl'. Want ik ben niet alleen verslaafd, maar ik ben ook dokter en wil graag verslaafde collega’s helpen waar dat kan.

      Maar goed, hier sta ik dan, als verslaafde dokter, omdat Jolande, de hoofdredacteur van de LEF, me dat gevraagd heeft. Ergens tijdens het tot stand komen van het artikel, en de communicatie daarover, vroeg Jolande me of ik een praatje wilde houden op de Dag van Herstel, vandaag dus. Iets over stigma en verslaving of verslaving en stigma. Een soort TED talk, moest het worden.

      Ik hoorde mezelf heel enthousiast ‘ja’ zeggen -dat was mijn ego-. Maar nadat ik opgehangen had dacht ik twee dingen: ‘neeee, eng’ en wtf* is een TED talk ook alweer?

      Dat laatste is te googlen en dat heb ik dus ook gedaan. Voor degenen hier die datzelfde hiaat in hun kennis hebben: TED staat voor Technology, Entertainment en Design. En het gaat erom dat je in ongeveer een kwartiertje op een zo toegankelijk mogelijke manier een presentatie geeft over iets dat je na aan het hart ligt. Het motto van de TED talks is: ‘Ideas worth spreading’. Een beetje leuk lullen over stigma en verslaving dus. Nou, die was afgevinkt.

      Maar waarom eigenlijk ‘neeee, eng’? Als dokter heb ik toch wel vaker praatjes gehouden? Ja, inderdaad, vaak genoeg. Maar die gingen niet over MIJ!!?! Die gingen over complex medische materie, behandelt aan de hand van artikelen uit wetenschappelijke tijdschriften, gepresenteerd middels een flitsende PowerPointPresentatie met invliegende diagrammen en tabellen en oplichtende significante cijfers en conclusies. En nu? Nu sta ik hier als mezelf over stigma en verslaving te praten. Iets waar we allemaal, zoals we hier zitten of staan, mee te maken hebben, of mee te maken hebben gehad. Waarvan we allemaal weten dat het ‘een ding’ is, levensgroot. Waarvan de keiharde cijfers schaars zijn. Maar, geloof mij, de cijfers díe er zijn, die krijgen jullie van me. 🙂

      En dan nog? Hoe interessant zijn die cijfers eigenlijk, bedacht ik me later, als je je baan verloren hebt door je verslaving? Of je geliefde? Als je kinderen je niet meer willen zien. Als, ondanks dat je al een hele tijd keihard werkt aan je herstel, je nog steeds niet vertrouwd wordt. Of dat de buren je nog altijd mijden.

      Maar oké, stigma en verslaving, het stigma op verslaving. Het stigma op verslaafden.

      ‘Een stigma is een schandvlek of brandmerk dat aan een bepaald persoon of een groep personen wordt gekoppeld. Een stigma is een negatief vooroordeel dat leeft over een persoon of een groep personen.’

      Een stigma is dus gebaseerd op een -negatief- vooroordeel of vooroordelen. Waarbij een vooroordeel dan weer een mening, een ongefundeerde mening, is en niet op feiten gebaseerd.

      Ik heb, zowel op meetings als in mijn omgeving, zo eens rondgevraagd naar vooroordelen waar mensen mee te maken hebben of hebben gehad. Of misschien gewoon zelf hebben. Een korte bloemlezing hieruit:

      ‘Verslaafden zijn niet te vertrouwen.’

      ‘Verslaafden zijn zwak, ze hebben geen ruggengraat.’

      ‘Verslaafden zijn oneerlijk, ze liegen.’

      ‘Verslaafd zijn is een keuze.’

      ‘Verslaafden zijn losers.’

      ‘Verslaafden zijn egoïstisch.’

      ‘Eens verslaafd, altijd verslaafd.’

      Hoeveel waarheid deze uitspraken bevatten, laat ik in het midden. Maar al deze vooroordelen hebben één ding gemeen; ze zijn negatief. En dat ze allemaal negatief zijn is jammer; vooroordelen hóeven namelijk niet negatief te zijn (‘Aziaten zijn harde werkers en zwarte mensen kunnen goed hardlopen, dat zeg ik vaker. Dat zijn misschien ook vooroordelen, maar ze zijn in ieder geval positief bedoeld.’). Vooroordelen die tot een stigma leiden zijn dat wel. Want, zoals al uit eerder uit de definitie bleek; een stigma is een negatief iets, een schandvlek. Maar gevoed door vooroordelen, niet door feiten. Wat zijn eigenlijk de feiten?

      Verslaafden, wij dus, wat is er eigenlijk over ons bekend? Nou, daar gaan we, ‘de cijfers’, die ik boven water gekregen heb.

      Ongeveer 12% van de mensheid is verslaafd of neigt daartoe (onder dokters schijnt dat een paar procent hoger te liggen trouwens, rond de 15%).

      Verslaafden zijn vaker ziek, zoeken vaker medische hulp (het schijnt dat 10% van de huisartsbezoeken op één of andere manier gerelateerd is aan middelengebruik), komen ook vaker onvrijwillig in de gezondheidszorg terecht en gaan eerder dood.

      Helaas zoeken nog (te) weinig verslaafden hulp. Volgens het promotiefilmpje van deze dag slechts 4%, ik heb cijfers uit de VS waarbij dat percentage rond de 11% ligt. Veruit de minderheid zoekt hulp dus.

      En waar zijn de herstellende of herstelde verslaafden in deze percentages?

      Van de verslaafden die hulp zoekt hoeveel herstelt daarvan? Hoeveel van de verslaafden herstelt -vrijwillig of onvrijwillig- überhaupt? Dat is onbekend, mede doordat er, ook onder professionals, geen consensus is over wat de definitie van herstel is. Wat wél bekend is, is dat behandeling, hoe dan ook, helpt. Dat is dan weer goed nieuws. Voor ons, en voor alle zorgverleners die hier ook aanwezig zijn. 🙂

      Nou, dat was het wel zo’n beetje, wat de cijfers betreft. En keihard zijn ze ook niet te noemen. Maar wat de cijfers, omdat er geen consensus is over de definitie van herstel, met de vooroordelen gemeen hebben, is dat het allemaal gaat over mensen in actieve verslaving.

      Ik was laatst met mijn vijftienjarige dochter en een vriend van haar in gesprek over mate en mateloosheid. Het klinkt filosofischer dan het was; het ging mij er om de continue aanvoer van Milka repen vanuit de AH in te perken. ‘Ook al waren ze de hele tijd in de bonus’. Zo van ‘genoeg is genoeg’. Gewoon een regelmatig terugkerend thema met een puber.. en ik zei ergens in het gesprek: ‘Ja, die mateloosheid daar kan ik, als verslaafde, over meepraten.’ Waarop mijn dochter zei: ‘Nee, mam, je wás verslaafd. Maar nu toch niet meer.’ Oh nee? Is dat zo? Eens verslaafd, altijd verslaafd, toch?

      Ik ben ruim twintig jaar dokter en heb tijdens mijn werkzame leven regelmatig met verslaafde patiënten te maken gehad. Zowel in acute situaties, als ze onder invloed waren van wat dan ook, op de Spoedeisende Hulp of de Intensive Care, maar ook tijdens niet acute, geplande zorg. Ik ben namelijk anesthesioloog en onderdeel van mijn werk is het preoperatief screenen van patiënten. Daarbij komen alcohol- en drugsgebruik altijd aan de orde. En in al die jaren heeft er nog nooit iemand tegenover me gezeten die zei; ‘Dokter ik ben verslaafd, maar in herstel.’

      Wat wisten ik, mijn geliefden, mijn collega’s, over herstel, voordat ik zelf een herstellende verslaafde werd? In actieve verslaving dacht ik nog de enige verslaafde dokter te zijn..

      Onze beroepsvereniging, de KNMG dacht en denkt dat niet. Zij onderkent het probleem -verslaafde dokters- al een aantal jaren, en heeft, in navolging van de VS en Canada, in 2011 een speciaal programma opgestart voor verslaafde artsen, ABS artsen genaamd. En ondanks dat het overzee zeer succesvol is, met een zeer hoog percentage artsen dat herstelt en terugkeert in hun functie (>85%) wil het hier maar niet van de grond komen. Voor hun bewustwordingscampagne die afgelopen jaar van start ging, konden ze alleen een gepensioneerde dermatoloog vinden die uit de anonimiteit wilde de treden om mee te werken. De, nog werkzame, verslaafde artsen in herstel durfden niet. Uit angst voor de consequenties.

      Dus weer de vraag; waar zijn de herstellende verslaafden?

      Waar zijn al die lieve, gevoelige, gemankeerde, maar mooie mensen die ik heb leren kennen sinds ik in herstel ben? Al die tobbers -want dat zijn we- maar eerlijke tobbers die naar zichzelf en hun eigen aandeel in dingen durven te kijken. Mensen die hard aan zichzelf werken en proberen een beter mens te zijn.

      Ik weet in ieder geval dat ik zelf een beter mens geworden ben, in herstel. Aardiger, begripvoller, liever. Menselijker. Daar doe ik in ieder geval hard mijn best voor. But still working on it.. 🙂

      Maar we werken er aan. We gaan regelmatig naar meetings -of gatherings van verslaafden op wat voor manier dan ook- om hoop, kracht en ervaring met elkaar te delen. Daar leren we van en dat houdt ons sterk. En in herstel.

      En ons herstel heeft ons goed gedaan, of niet soms?

      En niet alleen ons, ook onze omgeving. Onze vrouwen, mannen en kinderen. Onze ouders, broers, zussen, vrienden en collega’s. Maar waar houdt die omgeving eigenlijk op? Zouden we niet veel vaker hoop en kracht moeten delen buiten de meetings? 

      Zouden we de kennis die we in herstel hebben opgedaan over onszelf, onze menselijkheid en mens zijn in zijn algemeenheid niet vaker moeten delen met niet verslaafden?

      We mogen er zijn. Zichtbaar zijn, en trots. Wij, als tegenwicht tegen alle negativiteit, de klaagcultuur, alle ‘blaming and shaming’. Geen overbodige luxe, toch? Zoals één van mijn matties op de meetings regelmatig zegt: ‘Als iedereen de Twaalf Stappen zou leven zou de wereld een stuk mooier zijn.’

      We zijn een aanwinst, lijkt mij. Ik vind jullie in ieder geval allemaal aanwinsten. 🙂 En ik ben blij dat ik hier sta. Al vind ik het nog steeds doodeng.

      Wij, herstellende verslaafden, hebben een voorbeeldfunctie. We zouden voorbeelden kunnen zijn. Om te vechten tegen het stigma bij de niet-verslaafde goegemeente en om hoop en kracht uit te stralen naar de nog lijdende verslaafden.

      Misschien moeten Lange Frans en Ali B. samen een soort clublied componeren. Iets vrolijks, een hippe rap, iets in de trant van ‘Waar zijn de herstellende verslaafden? Híer zijn de herstellende verslaafden!’ 😉

      ‘De kracht van zichtbaarheid’ heet mijn “TED talk”. Omdat ik denk dat dát het antwoord gaat zijn. Onze zichtbaarheid als herstellende verslaafden vergroten en daarmee de kennis over herstel, herstellen van een verslaving vergroten. Want kennis over herstel gaat het antwoord zijn. Die  kennis vergroten gaat het stigma verkleinen. We moeten laten weten dat ‘de ziekte van mateloosheid’, zoals ik mijn verslaving altijd noem, als je eenmaal in herstel bent, ook mooie en goede kanten heeft. Ik zeg in ieder geval altijd tegen mijn dochters dat ik, vanwege de ziekte van mateloosheid, ook zo mateloos veel van hén houd.

      Ter afsluiting wil ik nog een mooi verhaal met jullie delen. Laatst hoorde ik van een co-assistent dat hij één van zijn co-schappen in Amerika gelopen had. Hij vond zijn supervisor ter plaatste zeer kundig en inspirerend. Echt een dokter zoals hij er zelf één wilde worden Op een middag zij ze tegen hem dat hij die middag even bij een andere supervisor ondergebracht zou worden. ‘Ik moet zelf namelijk naar mijn AA-meeting’, had ze gezegd. En hij had nadien alleen maar meer bewondering voor haar. Zo zou het moeten zijn, toch? Er komen dezer dagen niet veel hoopvolle berichten vanuit de VS, maar dit vond ik er één. Zeer zeker.

      ‘De kracht van zichtbaarheid.’ Onze zichtbaarheid als herstellende verslaafden is het krachtigste wapen tegen het stigma.

      En dank je wel Jolande en Lotje, die met de LEF al zoveel jaren hetzelfde doen. En jullie, samen met het hele team, voor deze prachtige dag.

      Dank je wel voor het luisteren, medestrijders. Want dat zijn jullie. We hebben een missie met z’n allen; laten we zichtbaar zijn en trots. Dank jullie wel.